Het desktopbesturingssysteem is het platform waarop al het andere draait: de kernel, stuurprogramma's, het bestandssysteem, updates, beveiligingsfuncties en de omgeving waarin medewerkers werken. Organisaties kiezen het samen met apparaatbeheer, applicatiecompatibiliteit en ondersteuningsafspraken. Windows en macOS zijn de gebruikelijke referentiepunten, met Linux-distributies als belangrijkste alternatief.
Controle over het besturingssysteem bepaalt wat u kunt verifiëren en aanpassen. Propriëtaire systemen bepalen hoe updates worden geleverd en welke cloudaccounts bij de installatie worden aangemoedigd of vereist. Hardwareondersteuning, stuurprogramma's en bedrijfssoftware beperken de keuze, en apparaatbeheer hangt meestal af van een cloud van de leverancier. Bij open-sourcesystemen kunnen de code en pakketbronnen worden ingezien en gespiegeld, maar ondersteuning en langetermijnonderhoud hangen af van de distributeur en de gemeenschap. Omdat elk eindpunt een besturingssysteem draait, vallen ook patchfrequentie en beveiliging van de toeleveringsketen onder het risicobeheer dat NIS2 verwacht.
Kijk bij een Europees alternatief naar de duur en voorspelbaarheid van beveiligingsupdates, beschikbaarheid van beheertools voor bedrijven, compatibiliteit met uw belangrijkste toepassingen, hardwarecertificering en commerciële ondersteuning onder contract. Een pilot met een kleine groep gebruikers, vóór een brede uitrol, laat zien welke toepassingen en randapparatuur problemen geven.